Compensatoir zweten na miraDry en Botox: wat zegt wetenschappelijk onderzoek?

Diverse (algemene) onderwerpen/nieuws met betrekking tot overmatig zweten, huisarts, dermatoloog, zweet ervaringen etc.

Moderators: Thijs, Erje

Thijs
Site Admin
Site Admin
Berichten: 3088
Lid geworden op: di 26 apr 2005, 22:45
Contacteer:

Compensatoir zweten na miraDry en Botox: wat zegt wetenschappelijk onderzoek?

Bericht door Thijs »

Compensatoir zweten na miraDry en Botox: wat zegt wetenschappelijk onderzoek?

Compensatoir zweten betekent dat iemand na een behandeling tegen hyperhidrose meer gaat zweten op andere lichaamsdelen. Het verschijnsel is vooral bekend na een endoscopische sympathectomie (ETS), maar de vraag is of het ook kan optreden na behandelingen zoals miraDry of botulinetoxine (Botox).

Op internet wordt hierover regelmatig gezegd dat miraDry of Botox géén compensatoir zweten kunnen veroorzaken. De wetenschappelijke literatuur is echter iets genuanceerder.

miraDry

miraDry is een behandeling waarbij met microgolfenergie de zweetklieren in de oksels plaatselijk worden beschadigd of vernietigd. Anders dan bij ETS worden daarbij de sympathische zenuwbanen niet chirurgisch doorgesneden.

Er zijn sinds 2012 verschillende onderzoeken naar deze behandeling gepubliceerd. Een systematische review uit 2017 analyseerde vijf klinische onderzoeken met in totaal 189 patiënten. De onderzoekers concludeerden dat microwavebehandeling effectief lijkt, maar dat grotere onderzoeken met langere follow-up nodig waren om de veiligheid en langetermijneffecten beter vast te stellen.

De belangrijke gerandomiseerde studie

Een van de belangrijkste onderzoeken is een gerandomiseerde, dubbelblinde en sham-gecontroleerde studie met 120 patiënten met ernstige axillaire hyperhidrose.

Daarvan kregen:

81 patiënten een actieve microwavebehandeling;
39 patiënten een sham-behandeling.

Na 30 dagen had 89% van de behandelde groep een HDSS-score van 1 of 2, tegenover 54% in de shamgroep. Na 12 maanden had 69% van de daadwerkelijk behandelde patiënten nog steeds een HDSS-score van 1 of 2.

Maar voor de vraag naar compensatoir zweten is vooral het veiligheidsresultaat interessant.

Compensatoir zweten werd daadwerkelijk gemeld

In deze studie werd compensatoir zweten bij 2 van de 81 behandelde patiënten gemeld.

Dat komt neer op ongeveer 2,5%.

In de shamgroep werd het bij geen enkele patiënt gemeld. De Britse gezondheidsautoriteit NICE vermeldt dit expliciet als een bijwerking van de microwavebehandeling.

Dit is een belangrijk gegeven, omdat soms wordt beweerd dat compensatoir zweten na miraDry helemaal niet voorkomt.

Wetenschappelijk gezien is die uitspraak te absoluut.

Er kan op basis van deze studie wél worden gezegd dat compensatoir zweten niet vaak werd gemeld. Er kan echter niet worden geconcludeerd dat het onmogelijk is.

Het onderzoek van Hong et al.

Een andere vroege studie onderzocht 31 patiënten met axillaire hyperhidrose. De patiënten hadden een gemiddelde uitgangswaarde van 190 mg zweet per vijf minuten. Na behandeling werd een duidelijke vermindering van het okselzweten gevonden. 26 van de 31 deelnemers voltooiden de follow-up van twaalf maanden.

De resultaten waren goed:

90% had na twaalf maanden een HDSS-score van 1 of 2;
90% had na 30 dagen ten minste 50% minder okselzweet;
85% had na twaalf maanden een duidelijke verbetering van de kwaliteit van leven.

Deze studie was echter relatief klein en was niet specifiek opgezet om compensatoir zweten te onderzoeken.

Dat laatste is belangrijk. Het ontbreken van een melding van compensatoir zweten in zo'n studie betekent niet automatisch dat niemand het heeft ervaren.

Langetermijnonderzoek

Er zijn inmiddels ook gegevens met langere follow-up.

Een in 2025 gepubliceerde studie rapporteerde driejaarsresultaten van 103 patiënten met ernstige axillaire hyperhidrose die tussen 2020 en 2022 één of twee miraDry-behandelingen kregen. Voor de driejaarsanalyse werden 87 patiënten benaderd; 45 patiënten reageerden.

Bij deze 45 patiënten verbeterde de mediane HDSS-score van 3 naar 2 en verbeterde ook de hyperhidrose-gerelateerde kwaliteit van leven aanzienlijk.

Ook dit onderzoek was echter niet specifiek ontworpen om compensatoir zweten te meten.

Een andere studie, gepubliceerd in 2025, analyseerde 139 patiënten die tussen 2019 en 2023 met miraDry werden behandeld. Daarbij werden onder andere HDSS en de Minor-jodiumzetmeeltest gebruikt om het effect op het okselzweten te beoordelen.

Een nieuwe publicatie uit 2026

Nog interessanter is een in 2026 verschenen case report met de titel:

"Compensatory hyperhidrosis following microwave-based therapy for axillary hyperhidrosis."

Hierin wordt een patiënt beschreven die na microwavebehandeling van de oksels een nieuw en aanhoudend patroon van overmatig zweten op andere lichaamsdelen ontwikkelde. De auteurs beschrijven dit als een compensatoir-achtig, maar niet klassiek patroon van hyperhidrose.

Dit is geen bewijs dat een bepaald percentage miraDry-patiënten compensatoir gaat zweten. Het is slechts één patiënt. Het is echter wel relevant omdat het laat zien dat een dergelijk verschijnsel in de wetenschappelijke literatuur inmiddels daadwerkelijk is beschreven.

Hoe groot is het risico na miraDry?

Op dit moment is daar geen betrouwbaar percentage voor beschikbaar.

Het beste concrete getal dat we hebben is:

2 van 81 patiënten (2,5%) in de gerandomiseerde studie.

Maar dat moet voorzichtig worden geïnterpreteerd. Het ging om een relatief kleine groep en compensatoir zweten was geen primaire uitkomstmaat.

Daarom kan niet worden gezegd dat het werkelijke risico precies 2,5% is.

De wetenschappelijke conclusie is eerder:

Compensatoir zweten lijkt na miraDry ongebruikelijk, maar het is niet volledig uitgesloten. Het verschijnsel is in een gerandomiseerde studie gemeld bij 2 van 81 behandelde patiënten en er is inmiddels ook een afzonderlijk case report gepubliceerd. Het exacte risico is onbekend, omdat de meeste onderzoeken compensatoir zweten niet systematisch als aparte uitkomst hebben onderzocht.

Botox en compensatoir zweten

Voor botulinetoxine is de situatie weer anders.

Botox vermindert het zweten door de afgifte van acetylcholine bij de zweetklier te blokkeren. De behandeling schakelt daarmee tijdelijk de zenuwprikkel naar de behandelde zweetklieren uit, maar onderbreekt niet de sympathische zenuwketen zoals bij ETS.

Er zijn veel onderzoeken die aantonen dat botulinetoxine effectief is bij axillaire hyperhidrose. Een multicenteronderzoek met 145 patiënten liet bijvoorbeeld een sterke vermindering van de zweetproductie zien en vond de behandeling goed verdragen.

Maar de interessantste studie voor compensatoir zweten is een Zweeds onderzoek uit 2005.

Specifiek onderzoek naar compensatoir zweten na Botox

Krogstad et al. onderzochten 17 patiënten met hyperhidrose van de handpalmen.

Dit onderzoek was specifiek opgezet om de vraag te beantwoorden of Botox op de handen zou leiden tot compensatoir zweten elders op het lichaam.

De onderzoekers maten de verdamping op maar liefst 16 verschillende huidlocaties vóór de behandeling en gedurende zes maanden daarna.

Het resultaat:

Er werd op geen enkele onbehandelde plaats een significante toename van het zweten gevonden.

De onderzoekers concludeerden daarom dat succesvolle behandeling van palmaire hyperhidrose met botulinetoxine geen compensatoire hyperhidrose veroorzaakte in andere huidgebieden.

Dit is een belangrijker resultaat dan simpelweg "er werden geen bijwerkingen gemeld", omdat de onderzoekers daadwerkelijk naar compensatoir zweten hebben gezocht en het zweten op verschillende plaatsen objectief hebben gemeten.

Kan Botox dan helemaal geen extra zweten elders veroorzaken?

Dat kunnen we ook niet met zekerheid zeggen.

In onderzoeken naar Botox voor okselhyperhidrose zijn soms patiënten beschreven die na de behandeling meer zweten op andere plaatsen. Het probleem is dat dit niet altijd objectief is gemeten en dat daarmee niet automatisch bewezen is dat sprake was van klassiek compensatoir zweten.

Er zijn verschillende mogelijke verklaringen:

de patiënt merkt het normale zweten elders meer op omdat het okselzweten sterk is verminderd;
de oorspronkelijke hyperhidrose fluctueert van nature;
temperatuur of andere omstandigheden zijn veranderd;
er kan sprake zijn van een individuele verandering in de verdeling van het zweten;
in sommige gevallen kan daadwerkelijk sprake zijn van een compensatoire reactie.

Daarom is "meer zweten elders" niet automatisch hetzelfde als het neurologische compensatoire zweten dat na ETS wordt gezien.

Waarom is ETS anders?

Het verschil met ETS is essentieel.

Bij ETS wordt een gedeelte van de sympathische zenuwvoorziening naar bepaalde lichaamsgebieden chirurgisch onderbroken.

Dat kan leiden tot een verandering in de autonome regulatie van het zweten. Compensatoir zweten is daarom een bekende en soms ernstige complicatie van ETS.

Bij Botox gebeurt iets anders:

Botox → tijdelijke blokkade van de zenuwprikkel bij de behandelde zweetklier.

Bij miraDry:

miraDry → lokale thermische beschadiging van zweetklieren in de oksel.

Bij ETS:

ETS → chirurgische onderbreking van sympathische zenuwbanen.

Daarom is het niet correct om de hoge percentages compensatoir zweten die na ETS worden gezien zomaar toe te passen op miraDry of Botox.

Overzicht van het wetenschappelijke bewijs
Behandeling Onderzoek naar compensatoir zweten Wat is gevonden? Bewijskracht
ETS Veel Compensatoir zweten zeer goed gedocumenteerd Hoog
miraDry Beperkt 2/81 (2,5%) gemeld in RCT; daarnaast case report uit 2026 Beperkt
Botox handen Ja, specifiek onderzocht 17 patiënten; geen significante toename elders Redelijk, maar kleine studie
Botox oksels Niet systematisch als primaire uitkomst Incidentele meldingen van meer zweten elders Beperkt

Conclusie

Op basis van de internationale wetenschappelijke literatuur kan niet worden gezegd dat compensatoir zweten na miraDry of Botox onmogelijk is.

Voor miraDry is er daadwerkelijk een signaal: in een gerandomiseerde studie werd compensatoir zweten bij 2 van 81 behandelde patiënten (2,5%) gemeld. Daarnaast is in 2026 een afzonderlijk geval gepubliceerd waarin na microwavebehandeling een aanhoudend compensatoir-achtig patroon van hyperhidrose ontstond.

Tegelijkertijd is er onvoldoende onderzoek om te bepalen hoe vaak dit werkelijk voorkomt. De meeste miraDry-onderzoeken waren primair gericht op vermindering van okselzweet, HDSS, kwaliteit van leven en lokale bijwerkingen. Compensatoir zweten werd meestal niet als afzonderlijke uitkomstmaat onderzocht.

Voor Botox is het bewijs voor compensatoir zweten nog zwakker. In het onderzoek dat hier specifiek naar keek, werden 17 patiënten gedurende zes maanden op meerdere lichaamslocaties onderzocht en werd geen compensatoire toename van het zweten gevonden.

Daarom lijkt het risico op klassiek compensatoir zweten bij Botox en miraDry veel kleiner en veel minder goed aangetoond dan bij ETS.

Belangrijkste boodschap

MiraDry veroorzaakt niet aantoonbaar bij een groot percentage patiënten compensatoir zweten. Maar zeggen dat het nooit voorkomt, is op basis van de huidige literatuur niet juist.

Voor Botox geldt dat er tot nu toe geen overtuigend wetenschappelijk bewijs is dat compensatoir zweten een gebruikelijke bijwerking is.

Het grootste probleem bij beide behandelingen is momenteel niet zozeer bewijs dat compensatoir zweten niet bestaat, maar het gebrek aan onderzoeken waarin hier systematisch en langdurig naar is gezocht.

Belangrijkste wetenschappelijke bronnen
Hong HC, Lupin M, O'Shaughnessy KF. Clinical evaluation of a microwave device for treating axillary hyperhidrosis. Dermatologic Surgery, 2012.
Glaser DA et al. A randomized, blinded clinical evaluation of a novel microwave device for treating axillary hyperhidrosis.
Hsu TH et al. A systematic review of microwave-based therapy for axillary hyperhidrosis. 2017.
NICE. Transcutaneous microwave ablation for severe primary axillary hyperhidrosis – Safety.
Krogstad AL et al. No compensatory sweating after botulinum toxin treatment of palmar hyperhidrosis. British Journal of Dermatology, 2005.
Wimmer F et al. Evaluation of Efficacy and Safety of miraDry® Procedure in the Treatment of Primary Axillary Hyperhidrosis. 2025.
Three-Year Results Following Microwave Therapy in Patients with Severe Primary Axillary Hyperhidrosis. 2025.
Compensatory hyperhidrosis following microwave-based therapy for axillary hyperhidrosis. 2026.
Plaats reactie
  • Vergelijkbare Onderwerpen
    Reacties
    Weergaves
    Laatste bericht